![]()
|
Vassula... verstop je niet, Mijn kind... 1 Dochter van Egypte, Ik heb je aangesteld tot boodschapster voor vele naties en je bent Mij zeer kostbaar. Begrijp Mij niet verkeerd, Ik heb je niet nodig en je bent zelfs niet onmisbaar voor dit werk. Maar dat ik jou heb gekozen, een niets, verheerlijkt Mij en loutert jou. Bovendien wil Ik alles wat Ik bezit met je delen. Wees niet bang Mijn Boodschappen te verkondigen. Mijn Heilige Geest zal je vervullen van Mijn Woorden en jij zult dapper Mijn Woord verkondigen. Wat zie je, dochter ? Het Heilig Gelaat van Uw Zoon, overweldigd door pijn. Zijn Gelaat is als op de Heilige Lijkwade. Is dat niet genoeg om door te gaan en een beetje van je tijd en energie te offeren ? Kijk nogmaals, dochter... Wat zie je nu, Vassula ? Ik zie zoiets als een zachte rode wolk, die zich aan de hemel vormt; zwevend boven ons en toch beweegt ze zich als een nevel en bedekt meer en meer de hemel. Ze beweegt zich langzaam maar gestaag. Schrijf : "Als de dageraad verspreidt zich over de bergen een grote en machtige menigte, zoals er nooit tevoren was en later nooit meer zal zijn tot in de verste geslachten" (Joël 2,2). Ja, het is nabij... en wat zie je nu, Vassula ? Levende menselijke toortsen. Kijk goed naar deze zielen, die Ik geschapen heb... Zij zullen nooit de Plaats bereiken die Ik voor hen had bereid. Deze zielen staan onder de macht van Satan, en zij zullen geen deel hebben aan Mijn Koninkrijk noch aan Mijn Heerlijkheid. Ze gaan hun verdoemenis tegemoet... Zeg Mij, heb Ik enige ziel Mijn Liefde, Mijn Heerlijkheid en Mijn Koninkrijk onthouden ? Nee, Heer. Maar zij hebben verkozen Mij niet te beminnen en vrijwillig Satan te volgen. Zij hebben de banden van onze Verbintenis door eigen vrije wil verbroken. En kijk nu nogmaals, Vassula. Wat zie je ? O Heer, ik zie een Vrouw, zittend op een witte rots. Ik zie Haar van achteren. Ze draagt een lang zwart gewaad en ook Haar Hoofd is bedekt met een lange zwarte sluier. Ze lijkt diepbedroefd en gaat gebukt onder Haar smart. Ik zie mijzelf Haar naderen. Ze kijkt op en ik begin met Haar mee te schreien. Het is de Moeder van Jezus, onze Moeder. Haar Gelaat is zeer bleek en overdekt met tranen. Als ze mij ziet, strekt ze Haar linkerhand uit en drukt die op mijn arm. Ik ben de Moeder van Smarten, vertrouwd met ellende. Ik ben degene die voor jullie de Hoop weer zal herstellen. Ik ben degene die met Haar hiel de kop van de slang zal vertrappen en verpletteren. Mijn ogen wenen onophoudelijk in deze troosteloze dagen; Mijn ogen zijn pijnlijk geworden door het schreien om al Mijn kinderen. Vassula, Mijn dochter, sluit je oren niet voor God, sluit je oren niet voor Mijn smeken, je hebt Mij horen schreien. Ik heb je zaak verdedigd en zal dat altijd doen. Als de Heer je aan Zich bindt, gebeurt dat uit Liefde, om Zijn Hart in het jouwe uit te gieten. Vandaag 2 zal jou Zijn Kelk worden aangereikt, weiger niet te drinken. Je moet niet aarzelen. Jullie straten zijn bezoedeld met onschuldig bloed en Onze Harten zijn ziek. Dat is de oorzaak van Mijn tranen, dat is de reden waarom de Heer Zijn Kelk met je wil delen. Verraad verhindert de eenheid onder de broeders, onoprechtheid van hart doet de Kelk van God nog voller worden. Zij hebben het Lichaam van Mijn Zoon verscheurd, verdeeld, verminkt en verlamd. Ik herinner jullie allen eraan dat jullie aller weg, in de Ene Geest, door Hem naar de Vader voert. En toch blijven jullie verdeeld onder de Naam van Mijn Zoon. Jullie spreken over eenheid en vrede en toch spannen jullie een net voor hen die haar in praktijk brengen. God laat Zich niet bedriegen noch overtuigen door jullie argumenten. Het Koninkrijk van God bestaat niet uit woorden op de lippen, het Koninkrijk van God is liefde, vrede, eenheid en geloof in het hart. Het is de Kerk van God, verenigd tot Een, binnen jullie hart. De Sleutels tot de Eenheid zijn : Liefde en Nederigheid. Jezus heeft jullie nooit aangespoord tot verdeeldheid. Deze scheiding in Zijn Kerk was niet Zijn verlangen. Dus, Mijn Vassula, vergezel Mij in Mijn gebed zoals je Mij eerder hebt zien bidden. Ik ben zeer dikwijls bij je, Mijn kind. Schik je in de wensen van de Liefde. Jezus zal je nooit verlaten. Wees in je liefde met Hem verenigd, voor één doel : Begrijp je nu, dochter, 3 waarom je niet moet ophouden met Mij te oogsten ? Blijf bidden en zegen degenen die je vervolgen. Je uur is nog niet gekomen, Mijn duif. Ik zal zachtzinnig met je omgaan en je zult des te meer door Mij worden bemind. Probeer niet te begrijpen wat buiten je macht ligt. Zet de sikkel in als je ziet dat Ik Mijn Sikkel inzet. Vertraag je stap niet, houd gelijke tred met Mij. Als Ik inhoud, houd dan ook in. Spreek vrijuit als Ik je het teken geef en zwijg als Ik je aankijk. Verdedig altijd de Waarheid, tot in de dood. Van tijd tot tijd zal je schade berokkend worden, maar Ik zal dat juist zo ver toestaan als nodig is om je ziel rein en volgzaam te houden. Weet dat Ik altijd aan je zijde ben. Oogst als Ik oogst. Leer geduldig te zijn zoals Ik Geduldig ben. Wees zeer nederig en als niet aanwezig. Ik heb je Mijn belangen toevertrouwd 4 om met Mij en aan Mijn Zijde te werken, en Ik heb ook anderen aangesteld om hun diensten in dit werk in te brengen. Vassula, Mijn kind, nog een poosje, nog een heel korte tijd, en je ziel zal naar Mij vliegen. Er is dus geen reden om je terneergeslagen te voelen, zoals je Mij hebt verteld. Je hoeft alleen je hoofd op te heffen en te kijken naar Wie helemaal naar je kamer komt, Wie met je soupeert, Wie je hoedt. Vraag Mij je zonden te vergeven, opdat je Mijn Vrede kunt ontvangen en weer blij kunt zijn. Vertel Mijn kinderen dat Ik spoedig Mijn Heilige Geest zal zenden, in volle kracht, om jullie te hoeden en jullie allen terug te brengen in de ware Kudde en een 1 Ik hoopte niet meer naar de naties te hoeven gaan om bij hen getuigenis af te leggen. Ik hoopte dat Mijn Vader zou instemmen met mijn verlangens om thuis te blijven, te mediteren, Hem te beminnen, Hem bij het schrijven te ontmoeten, Jezus te ontmoeten in de Heilige Eucharistie, en dus de menigten te kunnen vermijden. 2 De komende dagen) 3 De Stem van de Vader kwam weer terug. 4 Ik hoorde ook "ambt". |