Mijn Heer, Almachtige, U hebt gezegd : ...
"En Ik ga, als een zijtak van een rivier,
ls een waterloop die een tuin instroomt,
Mijn boomgaard drenken,
Ik ben van plan Mijn bloemperken te besproeien".
Ecc. 24,30-31
Uw Geest was bewogen door onze ellende...
en erbarmelijkheid lokte Oneindige Barmhartigheid uit,
Armzaligheid daagde Uw Majesteit uit om
Uw Kroon terzijde te leggen en U over haar te buigen,
en haar dorheid deed Uw Ogen zich tot haar wenden... U zei :
"...En zie, Mijn zijtak groeide uit tot een rivier,
in Mijn rivier tot een zee.
Nu zal Ik het onderricht duidelijk doen stralen,
het tot in de verte doen lichten.
Ik zal de leer als een profetie doen stromen,
als een erfenis voor alle komende generaties".
Ecc. 24,31-33
En U, de Schepper van alle dingen,
hebt mij onderricht, U werd Mijn
persoonlijke Opvoeder, en U,
die mij hebt geschapen,
hebt een plaats voor mijn ziel bereid.
U zei : Kom en leef in Mijn Heilig Hart,
je Woonplaats.
En nu heb ik wortel geschoten
middenin Uw Hart,
U implanteerde mij in Uw Vlees,
o Heer, en maakte mij tot een deel
van U voor alle Eeuwigheid.
Wat kan ik nog meer verlangen ?
Sta Mij toe, Mijn bloem, je te onderrichten en overal waar Ik ga zul jij gaan; overal waar Ik treed zul jij treden - Ik en jij, samen, verenigd, verbonden voor alle Eeuwigheid. Ik zegen je voor het onthullen van Mijn Heilig Gelaat aan Mijn kinderen; Ik zal je helpen en sterken, en door jou zullen ze Mijn Tegenwoordigheid zien.
Ontvang Mijn Vrede. Ik, God, bemin je.
|