![]()
20 Januari 1992
|
Vrede zij met je. Hoor Mij, dochter. Heb je om je heen gekeken ? Wat heb je gezien ? Mijn Ziel, de scheidsrechter van jouw generatie, was getuige van veel meer dan beroeringen, verdeeldheden en atheïsme. Ik zeg je dat velen plannen tegen Mij smeden in Mijn Eigen Huis. Zelfs op dit moment hoor Ik hen samenzweren, maar weldra zullen de eilanden beven op Mijn Dag, en hoewel deze generatie zal weeklagen, zal Ik niet luisteren. De deur van de Hemel zal op die Dag gesloten zijn en de naakte aarde zal kreunen als een weduwe, diepbedroefd in haar leed. Mijn Hart keert zich om in Mijn binnenste en is al ziek van het erbarmelijke klagen dat luid zal weerklinken van jullie, generatie. Voorwaar, Ik zal Mij niet in jullie verlustigen, want Ik schep er geen behagen in het menselijk ras te vernederen en te kwellen. Nog eenmaal zal er over jullie, maar zoals nooit tevoren, Mijn Heilige Geest worden uitgestort. Vanuit een zwak flakkerend Vlammetje zal Mijn Vuur razen en jullie allen vernieuwen. Dan zal Ik, de Heer, als een man die een veroverde stad binnentrekt, in jullie binnengaan met Mijn Heerlijkheid, en de Kerk zal herleven. De Gerechtigheid zal tenslotte zegevieren. En jij, dochter, wees niet bang luid voor Mij te getuigen. Wees niet bang voor de mensen, vooral niet voor hen die zich tegen je verzetten. Wees gelukkig, dochter. Ik kan in het diepste innerlijk van deze mensen lezen, en Mijn naijverige Oor vangt alles op. Ze denken dat ze alles weten, maar ze weten niets. Dochter, Ik heb voor je tot de Vader gebeden om je zwakheid in aanmerking te nemen. Vassula, probeer de Vader te begrijpen. Je bent zwak, maar Ik heb je goed in Mij geworteld, zodat je niet heen en weer moogt wankelen als er van tijd tot tijd geweldige stormen over je komen. Je bent Zijn afstammelinge en daarom laat Hij vanuit Zijn Jaloerse Liefde en Edelmoedigheid zulke weerstanden toe. Heb je niet gehoord hoe Hij zielen door het lijden tot volmaaktheid brengt en dat lijden een deel is van jullie opvoeding ? Wees dus geduldig, dochter. Wees ook edelmoedig en huiver niet, beklaag je over niets. |