![]()
20 Januari 1992
|
(Voor de Zwitserse groep.) Dit verlengde zwijgen Mijnerzijds 1 zou niet hebben voortgeduurd als Ik met liefde zou zijn bejegend. Hoe kunnen ze beweren Mij te beminnen als ze geen vrede hebben noch enige liefde onder elkaar ? Als een slopende ziekte verslindt de zonde hen. Mijn Luister noch Mijn Heerlijkheid heeft hen doordrongen. Ik kwam om hun dorheid te bevloeien met Mijn Tranen. Ik kwam om hen te troosten, maar heb Ik iets daarvoor terug ontvangen ? Hun steden 2 zijn vandaag leeg door ledigheid en puin, als een schrale steppe zijn ze geworden. Mijn Woord heeft hun oor bereikt, en toch hebben ze het niet gehoord. Mijn Troon van Genade kwam hen tegemoet en bood hun Mijn Vrede aan en gezonde Leer, van de Wijsheid Zelf, om hen te bevrijden, en toch hebben ze er geen deel aan genomen, noch met geloof noch met liefde. Ieder die beweert in het licht te zijn maar zijn broeder haat, haat Mij. Alles wat Ik nu te zeggen heb is : Onderzoekt jezelf voordat het Oordeel komt. Jullie hebben nog maar zeer weinig tijd over. Bidt en vermijdt alle kwaad. Oordeelt of veroordeelt elkaar nooit. Richt jullie hart op Mij, richt jullie geest op Mij. Blijft wakker, want de tijd van de zuivering komt weldra over jullie. Weest dus van Mijn Geest van Liefde vervuld, opdat jullie zonden jullie niet verstikken. 1 Jezus had Zich gedurende enige tijd niet laten zien in Zwitserland. 2 Zielen. |