![]()
|
We arriveerden bij het kasteel Ilbarritz, waar wij werden verondersteld te logeren en de bijeenkomst te houden. Men liet ons bijna elk stuk van het kasteel zien. Op de eerste etage was een kapel, die nog niet ingewijd was. Daar was een beeld in een hoek, van Onze Lieve Vrouw. Ik hoorde haar zeggen: "Ik wil Mijn Zoon bij mij hebben", want in een klein vertrek, waar alleen rommel lag, was ook een groot, levensgroot Kruisbeeld, dat daar tijdelijk stond om te worden gerepareerd. Ik naderde Jezus op het Kruis en Hij zei snel de volgende vier woorden: "Haal Mij hier weg". Ik voelde mij in verlegenheid de eigenaars te moeten vertellen wat ik had gehoord, maar tenslotte deed ik het toch. Dus droegen we Jezus, drie van ons, naar het beeld van onze Heilige Moeder. Jezus zei dat Hij het zal bevestigen door het op te schrijven. Ik ben het. Sta Mij toe neer te schrijven alles wat Ik boven heb gezegd in die kleine kamer. Ik heb gezegd : "Haal Mij hier weg". Ja, Heer. "Wat een vreugde zal ik genieten om Mijn Zoon bij Mij te hebben. Vassula, bezoek Hem, Hij heeft je geroepen". Dank u, Heilige Moeder. |
|
Voor altijd, Heer. |
|
Onze Lieve Vrouw vond voor ons een "gids" die bereid was met ons mee te komen, die Spaans kende en ook bekend was met de streek. Terwijl we enkele uren door de bergen reden vroeg ik mij af of onze "gids" werkelijk wist waar hij ons mee naartoe nam. De tocht leek eindeloos. Het was na zonsondergang en het werd langzamerhand donker. Nu en dan reden we door de nevel en regen. Ik vroeg mij af waarom ik daarheen ging, ik had er werkelijk geen idee van, mogelijk om te bidden en Garabandal te zegenen, zoals de Heer mij meer dan een jaar geleden gevraagd had. Maar toen had de Heer mij speciaal gezegd dat Hij alles zelf zou doen. Mijn zending is het om Hem te beminnen, Hem te troosten en Hem toe te staan te schrijven. Ik was dus verbaasd en voelde mij onzeker. Plotseling zag ik de hemel. Hij was prachtig, met oranje wolken, en ik voelde Gods Tegenwoordigheid om ons heen. Nee. Hij zal ons niet verlaten. Ik hoefde mij alleen geheel aan Hem over te geven en helemaal op Hem te vertrouwen. Ik voelde weer helemaal die vertrouwelijkheid die Hij mij leerde en die Hij met mij deelt. Ik noemde Hem "Abba". Ja, Abba zorgt met veel liefde voor mij. Tenslotte kwamen we aan in Garabandal en vonden er de weg naar de kerk. De Heilige Mis was nog niet ten einde. We gingen naar binnen. Voor mij stond een beeld van het Heilig Hart van Jezus, en rechts van mij onze Gezegende Moeder met gespreide armen. Ik hoorde Haar zeggen: "Dank je dat je bij Mij bent gekomen". Verheugd antwoordde ik : "Dank u dat u mij hier bij u hebt gebracht". Na de Heilige Mis vroeg de gids aan de priester of hij wist waar wij konden logeren. Hij was erg vriendelijk en vroeg ons hem te volgen. Hij nam ons mee naar een herberg en vroeg om logies aan de eigenaresse. Ondanks haar werk, ze was bezig voor haar gasten het eten op te dienen, bracht ze ons naar haar huis. Daar was een kamer en een hal. In de hal stonden twee kampeerbedden en ik zou de kamer delen met Beatrice. Voordat we Biarritz verlaten hadden had ik geaarzeld of ik het beeld van Onze Lieve Vrouw van Fatima, dat ons altijd op mijn bijeenkomsten vergezelt, wel of niet zou meenemen. Ik had besloten Haar achter te laten tot onze terugkeer in Biarritz, uit angst dat het beeld zou breken. Maar wat zien we op de schoorsteenmantel ? Hetzelfde beeld van O.L.Vrouw van Fatima, ook van hetzelfde formaat. Ze verliet me nooit... Daar was Ze, van Fatima, in Garabandal. Ze droeg geen rozenkrans in haar handen. Maar ik had er een extra in mijn tas. Het was een rozenkrans uit Medjugorje. Dus ik legde de rozenkrans van Medjugorje in de handen van O.L.Vrouw van Fatima, in Garabandal. De drie plaatsen werden zo met elkaar verbonden. We hadden geen wekker bij ons, maar in onze kamer stond een groot, mooi beeld van Theresia van Lisieux. Ik vroeg aan Theresia om ons op een redelijk tijdstip te wekken, niet te vroeg. We sliepen, en in de ochtend werden Beatrice en ik gewekt door drie kloppen op de deur. Ik deed het licht aan om te kijken hoe laat het was. Het was precies acht uur. Ik riep "ja", denkend dat er buiten de deur iemand stond om ons te wekken. Ik deed de deur open, maar er was niemand... Dus de heilige Theresia had ons niet vergeten. Na het ontbijt ontmoette ik een van de broers van de zieners, toen ging ik naar alle plaatsen waar Onze Lieve Vrouw verschenen was en zegende ze. |