![]()
|
Mijn dag nadert en Ik zal tot jullie komen als een dief, onverwacht, zonder jullie te waarschuwen. Jerusalem ! Je hebt Mij verraden, je Heer, en het kwaad heeft precies in het midden van je hart wortel geschoten. Ja, Jerusalem, diep in je ligt de punt van de lans. Verraad en ketterij zijn in je doorgedrongen. Hoe kon je ooit geloven dat je zondigheid niet door Mij zou worden opgemerkt ? Ik kom onverwacht tot je om je ten val te brengen. Ik sta vlak voor je deuren, en als een bliksemflits zal Ik op je neerkomen en je vernietigen. Jerusalem ! Je beproevingen zijn nog maar begonnen. Ik zal je reinigen en zuiveren in Mijn vuur. Ik zal je slechte wortels uitrukken - ze verbranden, en al die doctrines die Mijn Lichaam hebben doen verbleken. Je Herder 1 willen jullie niet meer. Dronken van IJdelheid, dronken van Ongehoorzaamheid en onenigheden - hoe kon je geloven dat je zou kunnen overleven ? Je hebt Mijn lammeren honger doen lijden door ongehoorzaamheid, door je eigen belangen na te streven en niet de Mijne. Jerusalem ! Je doet Mij zoveel verdriet. Wat heb Ik er steeds naar verlangd jullie allen te verenigen en te verzamelen, zoals een hen haar kuikens onder haar vleugels bescherming biedt, maar je hebt geweigerd. Mijn Ogen en die van je Heilige Moeder bleven onafgebroken tranen van bloed vergieten bij het zien van zoveel onrecht in Mijn eigen Huis. Vassula, ze hebben Mij zonder ophouden gegeseld, maar toch, ondanks Mijn intens lijden ben Ik bereid hen te vergeven, en te vergeten... Kom, kind, blijf in Mijn Heilig Hart. De Liefde dorst naar liefde. (Jezus' lippen waren droog als perkament.) Rust nu. Ik ben met je. Bid voor die zielen die Mij afwijzen. Verzacht Mijn pijnen door Mij te beminnen. Behaag je God - je eigen Abba. Ja, Abba. (Ik voelde mij diep ontroerd en vol medelijden met onze Vader, die zij afwijzen.) Vassula, heb medelijden met je broeders, met hun misstappen en hun blindheid, en bid voor hen. 1 Paus Johannes Paulus II |