![]()
19 maart 1988
|
Jezus, ik kom bij U. Ach, Vassula, vermoei je niet met schrijven. Vandaag voed Ik Mijn verhongerde lammeren. Morgen zal Ik jullie verenigen en jullie uitleg geven over Mijn Mysteries. Vervul Mij met vreugde en geef het Heilige Rozenkransgebed door aan allen die Mij beminnen en voor Mij getuigen. Bedoelt U aan alle Christenen ? Ja, Mijn beminde. Je moet Mijn Moeder eren zoals Ik Haar eer. Je moet Mijn Kruisweg doorgeven aan allen die voor Mij getuigen, en hun laten zien hoe ze die Kruisweg moeten bidden. 1 Aan alle Christenen, Heer ? Ja, aan allen die Mij beminnen. Ik, de Heer, wil geen scheidingen binnen Mijn Kerk. Jullie moeten je, terwille van Mijn zaak, verenigen, en Mij onder Mijn Naam beminnen, Mij volgen en van Mij getuigen. Jullie moeten elkaar beminnen zoals Ik jullie bemin. Jullie zullen je verenigen en één kudde worden onder één Herder 2. Ik heb, zoals jullie allemaal weten, Petrus gekozen en hem de autoriteit gegeven. Ik heb, zoals jullie allen weten, hem de sleutels gegeven van het Koninkrijk van de Hemel. Ik heb Petrus gevraagd Mijn lammeren en Mijn schapen te voeden en voor hen te zorgen 3. Dit gezag is hem door Mij gegeven. Ik heb niet verlangd dat jullie Mijn wensen zouden veranderen. Verzamelt je, beminden, om Mijn Kerk te versterken. Zoekt in Mij wat Ik verlang; zoekt Mijn belangen en niet die van jullie. Zoekt Mijn Verheerlijking. Verheerlijkt Mij door één te worden, schepselen. Brengt Mijn Lichaam tot leven. Ik bemin jullie allen. Vassula, herinner je waar je thuis is - ja, in Mijn Heilig Hart. Kom, kom, beminde, Ik wacht. Ik bemin je grenzeloos. Dank U, Jezus. 1 De manier waarop het de Heer bevalt. 2 De Paus. 3 Joh. 21,15-17. |