![]()
4 februari 1988
|
Jezus is deze ochtend zo duidelijk. Soms ben ik bang dat dit alles verkeerd zou kunnen zijn, dat het zou kunnen zijn dat ik Hem niet echt zie, maar alleen dénk dat ik Hem zie. Maar als dat zo lijkt, overtuigt Hij mij op een of andere manier dat alles precies zo is. Bent U het echt, Jezus?Ik voel me op zulke momenten in Gods Tegenwoordigheid opgeheven. Ik wil niet dat er aan zo'n moment ooit een eind komt. Aan andere dingen heb ik dan geen behoefte meer. Alles om mij heen wordt zo onbetekenend, onbelangrijk. Gods Tegenwoordigheid vult iedere lege hoek op. Het vult je en je voelt je vol, compleet. Ik zie Hem, gekleed op de manier waarop we Jezus kennen van afbeeldingen. Mijn oren kunnen het geruis van Zijn kleren en het geluid van Zijn voetstappen bijna echt horen. Nu staat Hij aan mijn linkerzijde, terwijl ik geknield zit aan mijn tafeltje, met vóór mij Zijn afbeelding van de Heilige Lijkwade en een icoon van de Heilige Maagd Maria met Jezus als kind. Jezus is twee voet van mij verwijderd. Zijn heilig Gelaat is de schoonheid zelf. Hij vroeg mij naar Hem te kijken. Hij toonde mij Zijn Hart, heel Zijn Borst was stralend, gloeiend van Liefde. In het begin heb ik deze gebeden een tijdlang gebeden, maar later ben ik ermee gestopt. De Heilige Maria herinnerde mij eraan door te gaan. Sinds die herinnering doe ik het regelmatig. Jezus legt mij hier uit hoe ik de dag waarop ik schrijf moet openen met deze drie gebeden, want ik was er niet zeker van of ik het iedere keer moest doen voordat ik ging schrijven, wat drie of vier keer per dag zou kunnen zijn, soms voor een zin, of dat Hij eenmaal per dag bedoelde. Boodschap, gedicteerd op 14-10-'86 door Jezus en bestemd voor de ontmoeting op 21-2-'88. Ik wil dat je het hun voorleest. Ik bemin hen en ben onder hen allen aanwezig. Mijn schepselen, jullie zijn van Mij, jullie zijn Mijn zaad. Beminden, Ik ben jullie Verlosser. Zullen jullie bij Mij terugkeren? Zullen jullie in Mijn armen vallen? Ik zal jullie zonden vergeven. Komt en eet Mijn Brood. Komt en proeft Mijn Wijn. Als jullie berouw hebben, zal Ik jullie vergeven. Luistert naar Mijn hartkloppingen, elke hartklopping is een roep om een ziel. Ja, Heer, dat zal ik doen. |