![]()
6 december 1987
|
Schrijf, Vassula. Ik, de Heer, wil dat jullie de Kruiswegstaties eren. Introduceer het kaarslicht. Eerst Mijn Moeder eren door haar een kaars aan te bieden. En dan wil Ik jullie zien knielen bij al Mijn staties, en Mij zien eren door bij Mijn staties een kaars in de hand te houden.
Mijn God, spreekt U voor ons allen?
Heer, mijn God, ik ben al langer dan een jaar Uw 'schrijftafel' geweest. U hebt mij elke dag gebruikt, en ik bemin U omdat ik op deze manier dichter bij U ben. U kunt mij gebruiken, ik zal loyaal zijn en ook Uw slavin. Vassula, hoezeer bemin Ik je. Wil je, na de Kruiswegstaties te hebben gedaan, Mijn voeten kussen? Ja Heer, dat zal ik doen. Kom, vergeet Mijn Tegenwoordigheid niet, je lijkt Mij deze dagen te verwaarlozen. Mijn God, geef mij de kracht om alles te kunnen volbrengen. Zoals U weet wil ik U graag behagen, maar mijn bekwaamheden zijn beperkt; wilt U mij vergeven?
Terwijl Jezus mij vertelde dat ik Hem verwaarloosde, keek Hij ernstig en bedroefd. Ik vroeg Hem mij te vergeven, en meteen lichtte Zijn goddelijk Gelaat op in een stralende glimlach. Het toonde mij Zijn kuiltjes, en Hij opende wijd Zijn armen opdat ik mij erin zou werpen. Toen vertelde Hij mij de rest en vergaf mij. Vergeving zal altijd gegeven worden, zonder de minste aarzeling, en Ik leerde je Mij volledig waar te nemen, zodat je in staat bent aan Mijn kinderen te vertellen over de manier waarop Ik vergeef. Terwijl Jezus dit zei maakte Hij met Zijn wijsvinger een gebaar als van een leraar, om mij te waarschuwen. Ik leid je op een onorthodoxe wijze, maar Ik ben God, en Ik zal de weg kiezen. De uren vliegen voorbij, de tijd is nabij. Ik zal je leiden zoals Ik wil, Vassula. |