![]()
25 September 1997
|
De Vader: Ik ben in jullie midden; weet, Mijn kleine Vassula, dat de armen meer van de Wijsheid zullen ontvangen dan de rijken, die gloriëren in hun glorie, die helemaal geen glorie is; Ik heb je gezalfd met Mijn olie, 3 opdat Ik in deze doopolie overwinningen door jou kan behalen tot Mijn glorie, maar ook voor jouw eigen heiliging; Laat mij in Uw zoetheid barmhartigheid van U verkrijgen. De Vader: Ik, de Koning van de Glorie en ook jouw Bruidegom, zal de armen tevredenstellen, en jij zult barmhartigheid verkrijgen en dezelfde zoetheid die Ik aan Mijn Zoon heb gegeven kom en hoor de Soevereiniteit in je oor fluisteren; kom en schrijf Mijn woorden neer en verzamel ze; Ik ben de Bewaarder van je ziel, en van Mijn Lippen zul je geen vleierij, maar rechtschapenheid horen; kom en leun je hoofd op Mijn Hart, opdat je in deze nabijheid de openbaringen kunt verkrijgen die komen uit de Oven van Liefde, 4 en als je Mij zult horen, Keuze-van-Mijn-Zoon, zal je ziel geen weerstand bieden om het pad van gerechtigheid en goedheid te vervolgen; dan zul je je vreugde vinden aan het einde van dit pad heb je niet gehoord, verrukkelijk kind, dat Ik, Jahweh, je Schepper, gehuwd ben met Mijn Schepping en ieders Bruidegom ben 5 ? Dag en nacht strompelen jullie rond, de schaduwen verjagend, en zelfs niet eenmaal hebben jullie geprobeerd om door te dringen in dit mysterie; als er zo velen van jullie omkomen, komt dat omdat massa's van jullie Mijn Kennis hebben afgewezen; jullie hebben Mijn onderrichtingen vergeten Ik keek naar Mijn zaden en vroeg Mij af : 'Wat moet Ik met hen doen ? zij zijn verschanst in hun misleiding; hoe moet Ik deze massa, die haar rechterhand niet van de linkerhand kan onderscheiden, doen begrijpen dat Ik hun Bruidegom ben en dat alles wat Ik van hen wil liefde is, geen offer, kennis van Mijn Hart, geen holocausten noch plechtige kerkelijke feesten'; O Mijn koninklijke huishouding, je hebt je glorie verruild voor schande! heb je niet gehoord dat Ik de hemelen kan neerlaten om naar beneden te komen, naar julli ? heb Ik Mijn Stem niet voldoende verheven voor jullie oor, Schepping ? hoelang willen jullie nog de wind najagen ? hoelang moet Ik nog zien hoe jullie achter schaduwen aanjagen Komt tot Mij! Mijn Hart is als een Lamp aan jullie voeten, en van Mijn Lippen, nat van genade en bedekt met de dauw van Goddelijkheid, stromen rivieren van genade en grenzeloze kreten van Barmhartigheid; dag en nacht, Mijn beminden, struikelen jullie over de schaduwen; komt tot Mij en Ik zal jullie hart raken, opdat jullie perversiteit wegsmelt; en dan zal Ik, in de onmetelijkheid van de Liefde die Ik voor jullie koester, als dauw op jullie neerkomen, en Mijn Godheid zal jullie ellendigheid overweldigen, haar omringen om permanent te worden in Mijn schittering, van jullie een lichthouder maken en één van geest met de Mijne; ach, Vassula, 6 jij, die Ik heb gezegend met de zalving van Mijn Naam, Mijn Hart ontvlamt van jaloezie telkens wanneer jouw hart als een dwaze vrouw handelt en van Mij wegfladdert, franjes najaagt en niet Mijn Goddelijke Macht; Ik zeg je, Mijn beminde, bewaar de principes van je Bruidegom en bind ze op je hart; ze zullen je hart verwarmen en je ervan weerhouden van de Tegenwoordigheid van je Bruidegom af te leiden, die er slechts op wacht genadig te zijn voor jou, door-Mij-toch-zo-beminde; en als Ik je heb gevraagd om Mijn bruiloftslied te openbaren door te schrijven, 7 was dat vanwege Mijn vurige liefde voor elke ziel, en omdat Ik wilde dat Mijn beminden voldoende voedsel zouden hebben terwijl ze deze woestijn doorkruisen... Ik heb je een talent toevertrouwd om voor Ons 8 de gelijkwaardige hoeveelheid erbij te winnen; je hebt het goed gedaan, want je hebt Ons je trouw getoond in je ijver om Ons tevreden te stellen; neem daarom nu je toevlucht in Ons; heb je thuis in Mijn Hart, en proef, als in vroeger tijden, de vertrouwelijke vreugde van Mijn Hart; moge het wezen van Mijn Liefde als een rivier in je hart stromen, opdat al je kleine trouweloosheden, die Mijn wenkbrauwen doen rijzen, weggewassen worden; ziedaar, nu grif Ik Mijn woorden op jou, voor de redding van zoveel zondaars; Ik ben met zachtheid tot je gekomen, Mijn bruid, voor de hernieuwing van het Mystieke Lichaam van Mijn Zoon; zie nu, Ik, je Schepper, roep je; want Ik heb jou aan Mijzelf uitgehuwelijkt, opdat Ik in onze vereniging het genoegen zou hebben je te sieren met trouw en vurigheid; ja, op deze kwetsbare klei heb Ik Mijn Naam geheel over je ingeprent, sinds die dag waarop jouw ziel tot Mij riep : 'Abba!' en vanaf toen heb Ik je pad op aarde rechtgemaakt en je geleerd hoe jij je in Mij kon verheugen door altijd in Mijn Tegenwoordigheid te spelen; weet, Mijn Vassula, hoezeer Ik heb verlangd dat je Mij zou beminnen met geheel je hart en hoe Ik heb verlangd je hele leven te veranderen in een permanent verlangen en dorsten naar Mij, je God; Ik wilde je Mijn Koninkrijk laten zien en Mijn mystieke kamer, waar wij, in afzondering, ons in elkaar zouden kunnen verheugen; Ik, je Bruidegom, vlammend van liefde, zou vertrouwelijk met je spreken, je de kennis van heilige dingen leren; en jij, jezelf stevig aan Mijn Hart vastklampend, zou hevig verlangen naar de genade van de adem van de Almacht, opdat je niet zou ophouden te zijn; nee, Mijn uitverkorene, onze vertrouwelijke vereniging is niet als een herinnering van een eendaagse gast; Ik zal je geen reden geven tot ongerustheid van hart door Mijn vertrouwelijke vereniging met jou terug te nemen; Ik zal zorg dragen voor je zwakheid, Mijn Vassula; zie, Mijn beminde, hoe Ik heb verlangd je tot Mij te trekken als een minnaar die zijn beminde in de afzondering trekt; Ik, die de Beminnaar van de mensheid ben, Bruidegom van Mijn schepping, verlang je nu tot Mij te trekken... neem een toevlucht in Mij... 9 waarom, je moet ooit gehoord hebben hoe de bruidegom verlangt met zijn bruid alleen te zijn na het huwelijk ? Ik bied je deze gunst aan, als een voorspel op ons feest; 10 ja, op die dag, toen jij beantwoordde aan Mijn Goddelijke Wil... en door het openen van je hart voor Mijn oproep, verrijkte Ik je hart met het Mijne, opdat je later deze schatten overal zou uitstrooien; deze schatten zijn zaden, 11 die je van Mij krijgt, waardoor jij ze moet uitzaaien in de landen waarheen Ik je zal zenden; die dag, waarop jij toegaf aan Mijn Goddelijke Wil en Mij toestond je leven te bepalen, stond Ik liefhebbend tegenover je en nodigde Ik je uit met deze woorden : 'Het is onmogelijk voor een ziel om Mij te beminnen op de wijze waarop Ik wil dat ze Mij bemint, als ze tegenover Mij haar afstand bewaart; nader Mij en proef Mijn vreugde; Ik verlang dat je vertrouwelijk met Mij wordt; als je ver van Mijn omhelzing blijft, zul je niet in staat zijn Mij te leren kennen'; 12 Ik heb je, in onze vertrouwelijke vereniging en de zalving van Mijn Liefde, gesierd met Kennis : Kennis van hoe Mij te vinden en Mij te leren kennen daar Ik je heb uitgekozen uit duizenden, zou je niet langer moeten twijfelen; handel in nederigheid, opdat Ik voortga je tot Mij te verheffen... Ik heb je handen en je mond gewassen, opdat door jouw gereinigde handen Mijn Woorden zullen worden geschreven en Mijn boeken bewaard, en Ik door jouw mond elke natie zal doen geuren; door Mijn genade sier Ik je ziel 13 met het gewaad van Mijn Sterkte, maar bovenal heb Ik je, Mijn Vassula, gesierd met Mijn schitterende Werken van Wijsheid, zodat Wij 14 van de lippen van Mijn beminde, gezalfd door Mijn Soevereiniteit, lof en eer zullen horen voor Onze Trinitaire Heiligheid; 15 ga door met het verkondigen van de Verrezen Christus en vul de hele wereld met vrucht; vertel hun dat Christus Zich in Zijn Goddelijke Liefde neerbuigt vanuit de Hemel om door Zijn Tegenwoordigheid het werk van Mijn Handen 16 te doen herleven; door dit bemoedigende nieuws zullen veel naties Ons leren kennen in een vertrouwelijke vereniging; vertel hun, dochter, hoezeer Wij verrukt zijn als Wij ook in jullie dagelijkse leven worden behandeld als jullie Heilige Metgezel... spreek als Mijn afgezant en herinner Mijn volk eraan dat Ik, Jahweh, leef en actief ben, en ga dan naar die priesters, 17 die Mij niet langer zoeken en vraag hun : 'Waarom vraagt u nooit: waar is God ?' Op Mijn Dag zal Ik Mijn oordeel uitspreken tegen deze herders, die Mij niet kennen en die nooit innerlijk Mijn zoetheid hebben geproefd; vandaag hebben deze herders Mij ingeruild voor iets dat geen waarde heeft, noch enige macht Schepping, Ik heb je twaalf jaren van onuitsprekelijke gunst gegeven, 18 en Ik wilde niet met haast handelen in Mijn toorn; om jullie te troosten in deze jaren van gunst heb Ik gesproken, heb Ik harten verbonden die gebroken waren en heb Ik Vrede gebracht in deze harten; Mijn Eigen Hart is een Bron van Levend Water, dit dorre land onderdompelend in deze jaren van gunst en groei gevend waar slechts afval was te vinden; - Ik heb altijd verlangd je te rangschikken onder de Mijnen; in deze dagen zeg Ik je, Ik die de Bruidegom ben van Mijn schepping, noem ieder van jullie: Mijn gehuwde; waarom dit fronsen en deze bedreigingen over de zoetheid van Mijn Mond ? 19 ongelukkig klein schepsel, verre van Mij te kennen, kom! Ik nodig je uit om in de omarming van je Bruidegom te vallen en Ik zal je laten zien hoe Ik, Jahweh, je geest kan sieren door je vrijgevig een vloed van Mijn Goddelijke Liefde aan te bieden, zodat jij, op jouw beurt, deze vloed van Liefde aan Mij teruggeeft; wacht dan en zie, op de dag dat Ik je zal trekken in de bruiloftskamer van Mijn Hart, als een roos die groeit op de oever van een waterloop, zul je bloeien om de grootheid van Mijn Naam te verkondigen, door Mij te noemen: 'Mijn Vader'; in de bruiloftskamer van Mijn Hart zal jouw hart opspringen, en zoals de bruidegom zich verheugt in zijn bruid, zo zal Ik Mij verheugen in jou, en jij in Mij; Mijn machtige Hand zal je staande houden en je zult nooit meer van Mij willen scheiden; jouw geest zal, verrijkt door Mijn zoetheid en de volheid van Mijn Geest, tot alle naties uitroepen: 'Schoonheid en Glorie zijn te vinden in onze Schepper! onze Hoop en onze Heer !' 1 Het was als het zien door een grijze sluier, 2 Het betekent 'zend Uw Heilige Geest tot mij'. 3 Olie staat hier symbolisch voor 'Naam'. 4 God bedoelt Zijn Hart. 5 Jes.54, 5 6 Plotseling wendde Zijn Goddelijke Blik zich naar mij. 7 Het Ware Leven in God 8 De Heilige Drie-Eenheid 9 Hij zei dit als een uitnodiging, maar met grote plechtigheid. 10 Toen ik deze woorden schreef, was het 21 november 1997 - op 28 november 1997 is het de 12e verjaardag van Het Ware Leven in God. 11 Toen God het woord 'zaden' uitsprak, zag ik saffieren voor mij. 12 Dat is het grote geheim God te kennen : intieme vereniging 13 Hij gebruikte de tegenwoordige tijd, daar het onafgebroken is. 14 De Heilige Drie-Eenheid 15 God herinnert mij aan mijn apostolaat. 16 Ons. 17 'Die' betekent dat het duidelijk is dat het niet 'allen' zijn. 18 Sinds God dit werk 'Het Ware Leven in God' begon. 19 God voorziet de negatieve reactie van bepaalde zielen. |