Mijn liefde voor Jezus was deze morgen op haar hoogtepunt, maar ook een vrees dat Hij mij zal verlaten, daar ik een "niets" ben, en een "niets" dat God bemint is waarschijnlijk een ontheiliging van Zijn Heilige Naam.
O dochter, Ik bemin je! Wees bij Mij; Ik zal je nooit verlaten. O Mijn kleintje, er zijn maar weinig mensen die Mij zo verheerlijken als jij. Vassula, Mijn Vassula, Ik draag zorg voor je. Als Ik Mijn leiding heb aangeboden, zal Ik niet langer wachten. Mijn Hart verlangt naar jouw kleine ziel. O hoezeer lijd Ik omdat jij op de aarde verblijft. Ik zal je bij Mij terugnemen, je bevrijden en Mijn Hart verblijden, want Ik brand van verlangen je weer bij Mij te hebben. Ontvang Mijn Vrede; Ik ben weldra bij je.
Vassula, wil je Mijn volgende Boodschap opschrijven?
Ja, Heer.
Ben je bereid?
Ik had deze boodschap enkele dagen vermeden, maar nu voelde ik mij ertoe bereid. Jezus had er al enige tijd geleden over gesproken.
Ja, Heer.
Bemin je Mij?
Ik bemin U zeer; U weet het.
Verlang je dat ook anderen Mij beminnen?
Ja, dat is nu mijn verlangen.
Werk dan met Mij en schrijf alles op wat Ik je zeg. Ja, Vassula?
Ik wilde juist zeggen dat dit als een wonder is om op deze wijze te kunnen worden geleid, Heer.
Ik wilde het, Vassula. Ik heb jou gekozen om aan de wereld te laten zien dat Ik noch autoriteit noch heiligheid nodig heb. Ik heb slechts een kind gekozen, hulpeloos en zondig, zonder autoriteit, dat geen machtige mensen kent, om door dit zwakke instrument Mijn Genade, Mijn Vrede en Mijn Liefde te tonen, die Ik voor jullie allen heb. Ik wil aan deze duistere wereld Mijn Boodschap meedelen en zodoende Mijn ontboezemingen aan de wereld kenbaar maken, want Mijn Barmhartigheid is onuitsprekelijk en Mijn genegenheid gaat alle menselijke begrip te boven.
De Hemel hierboven, met al zijn Glorie, regeert voor eeuwig in Vrede en Liefde, en Ik zal zorgen dat ook op aarde alle vrede en liefde zegevieren over het kwaad. Mijn Vrede zal de aarde bedekken als een nevel, die zich uitspreidt van de hoogten tot de diepten en van het ene einde van de aardbol tot het andere einde. Ik kom om Mijn Boodschap aan jullie allen te verkondigen en jullie af te brengen van je slechte daden. Mijn Woord zal zijn als een ceder die zijn takken uitspreidt als armen, om jullie slechtheid te genezen, jullie ellende te voeden en jullie te bevrijden van het kwaad. Ik kom nogmaals om deze duistere wereld te verlichten en deze flakkerende vlam, die op het punt staat uit te doven, te doen opleven en Mijn Vrede over jullie uit te spreiden.
Er ging een gedachte door mijn hoofd. Ik dacht: "Met dit soort mensen is het niet de moeite waard, ze zullen nooit luisteren".
Ik bemin hen, Vassula. O deze liefde die Ik voor hen koester! Heb Ik Mijzelf niet als een lam voor hen geofferd om hen te bevrijden? Ik heb voor hen geleden.
Mijn beminden, is Mijn Bloed tevergeefs vergoten? Ik heb Mijn Bloed vergoten opdat jullie zonden erin konden worden ondergedompeld en opdat jullie gezuiverd mochten worden. Ik heb jullie gewassen in de stromen van Mijn Bloed om het kwaad te overwinnen en jullie te bevrijden. Ik verblijf onder jullie allen, maar niettemin vergezelt de Satan jullie, want hij heeft middelen gevonden om jullie te verleiden en jullie in zijn goddeloze netten te doen vallen; Ik, God, kan het niet aanzien hoe jullie de verdoemenis tegemoet gaan; Ik ben hier om jullie van zijn ondeugden te bevrijden. Daarom sta Ik voor jullie, opdat jullie weten wie jullie Verlosser is. Ik kom nogmaals met Mijn Hart in Mijn Hand om het jullie aan te bieden. Zullen jullie Het afwijzen? Zullen jullie Mijn Vrede weigeren? Ik kom om diegenen te roepen die Mijn kinderen aanzetten tot het vergieten van bloed. Ik wil dat ze Mijn oproep horen, want Mijn Woord zal komen als een hamer die de rots splijt
Op zekere dag verlichtte God mij om te begrijpen dat de rots onze harten zijn, onze versteende harten.
en elk hart binnendringt. Ik vraag jullie, zijn jullie je God vergeten, of is Hij in jullie ogen van weinig belang? Vrezen jullie Mij niet? Ik ben jullie hooghartige bedoelingen moe! Ik heb jullie geleerd Mij te beminnen, maar ook om Mij te vrezen, want Ik ben de Almachtige. Maar wat hebben jullie gedaan? Jullie graven je eigen graf door zaden van slechtheid te zaaien en ze in de wereld te verspreiden, en ze nu te oogsten en jezelf te voeden met de slechte vruchten. Leert dat geheel Mijn Koninkrijk in Vrede regeert en dat heel Mijn schepping in Vrede en Liefde is geschapen.
Mijn Ogen zijn het moe geworden jullie elkaar te zien afslachten. Ik ben bezorgd om jullie, want Ik ben jullie Vader die jullie bemint. Zie, Ik kom met heel Mijn Soevereiniteit, Ik die jullie God ben; Ik kom jullie Mijn Hart aanbieden. Hier, neemt Het. Het is geheel voor jullie. Mijn Hart is gewond en verscheurd; voelt Het; Het is één grote wonde... jullie hebben het Hart van jullie God verscheurd; jullie hebben het telkens weer doorboord. Leiders van oorlogen, zal Ik moeten komen om jullie te vertrappen, om jullie Mijn Macht te tonen? Zal Ik Mijzelf in toorn moeten openbaren? Mijn Kelk van Barmhartigheid is overgelopen en Mijn Kelk van Gerechtigheid is vol! Ik, die het leven in jullie heb geademd en jullie heb geheiligd, Ik, de God van de gehele schepping, die jullie heb gewassen in Mijn Heiligheid, Ik kom tot jullie met Mijn Vrede, en Ik vermaan jullie je te bekeren en in Mijn Vrede te leven; Ik zal het hele universum bedekken met Mijn Vrede en haar over jullie laten heersen, want Ik ben Vrede en Liefde en de Wijsheid. Mijn oproep is gericht aan alle naties. Ze moeten weten dat er Vrede heerst in Mijn Koninkrijk. Ik kom ondanks hun slechtheid om hen te zegenen en op hen te schijnen, want ze zijn Mijn beminde zonen en dochters.
Luistert naar dit Hart, dat jullie God jullie aanbiedt, een Hart dat jullie hebben vergeten en niet meer kennen, een Hart dat jullie bemint en naar jullie toekomt om leven te geven. Houdt op kwaad te doen! Houdt op tegen Mij te rebelleren! Zijn jullie bang voor Mijn Wet? Mijn Wet is geen wet van rebellie; Mijn Wet is een Wet van Vrede en Liefde. Volgt de door Mij gegeven Wet; beantwoordt aan Mijn Wet en jullie zullen worden gered. Het is jullie zwakte Mijn Wetten te veronachtzamen, te dwepen met jullie eigen wetten en aldus de mensheid tot ondergang te leiden, je naasten tegen je in het harnas te jagen; jullie wetten zijn gebaseerd op geweld.
O kinderen, heb Ik haat in jullie harten geplant? Mijn Ziel is de Bron van Liefde en Leven in Zichzelf, en uit Haar kwam alles tot het bestaan.
Vassula, stop nu; Ik bemin je; vertrouw op Mij; laat je liefde Mijn Hart bedekken; verenig je met Mij, houd van Mij en werk met Mij.
Dat zal ik doen, Vader; help mij waardig te zijn, opdat ik in staat zal zijn U te verheerlijken.
|