Vassula's zending in Azië
(januari 1998)
Deel 1
Bangladesh - Filippijnen - India
Azië, dit machtige continent, door Gods wil tot Zijn glorie geschapen, werd nogmaals rijk gezegend door Gods verlangen om de zaden van Zijn Liefdeshymne naar zijn grondgebied te zenden. Deze keer waren Bangladesh, de Filippijnen en India de bevoorrechte landen waarheen God Vassula zond om Zijn boodschap over te brengen om iedereen te vragen te komen en van harte berouw te hebben; om zich met God en de naaste te verzoenen en het geschenk van God te verspreiden opdat het ons weer tot bezinning brengt.
Want God, die ons heeft gered, heeft ons opgeroepen om heilig te zijn - niet vanwege iets dat wij zelf hebben gedaan - maar voor Zijn eigen bedoeling en door Zijn eigen genade.
Vassula's reis begon dus op 6 januari 1998 met een 10 uur durende vlucht van Londen naar Dhaka via Bombay. Een overvol vliegtuig en veel huilende kindertjes maakten deze reis tot een slapeloze en zeer onconfortabele reis. Dit was slechts een voorproefje van wat deze vier weken durende zending aan offers zou vragen.
Vassula's reis was vooral opmerkelijk om drie redenen die direct in het oog springen. Voor de tweede maal keerde zij terug naar Bangladesh het land waar 'Het Ware Leven in God' geboren was. Voor de vierde maal keerde zij terug naar de Filippijnen, de enige christelijke en de enige katholieke natie in Azië. Wat dichtbevolktheid betreft is India het tweede land ter wereld, met meer dan 800 miljoen inwoners waarvan drie procent christenen zijn. Het is grotendeels nog niet geëvangeliseerd. Het onderliggende thema van het bezoek aan Azië wordt goed samengevat in de woorden van Sint Paulus met betrekking tot het dienstwerk van de profeten: "Hun stem heeft zich over de gehele aarde verbreid." (Rom. 10, 18)
Vassula kwam in Bangladesh aan op de avond van 7 januari. Denkend aan het belang van Rusland in de boodschappen van Fatima en 'Het Ware Leven in God', leek het toepasselijk dat zij aankwam toen de Russen Kerstmis vierden. Op haar reis werd zij deze keer vergezeld door twee personen. De een was Erwin Schlacher, een katholiek, die veel lezers van 'Het Ware Leven in God' kennen vanwege zijn werk van Het Ware Leven in God in Israël. Hij kwam mee met de camera opdat er een visueel verslag van deze reis zou zijn. Vassula werd tevens begeleid door een Grieks-orthodoxe vriendin, Giorgia Braun, die er gedurende de reis steeds was om op alle mogelijke manieren te helpen.
Op het vliegveld werden zij afgehaald door Carol Chamberlain, die de arrangementen voor het logies had verzorgd. Carol is bij het Ware Leven in God betrokken geweest sinds kort voor haar aankomst in Dhaka in 1993. Pater James Fannan, PIME, van het National Major seminarie was er ook om hen te vergezellen vanaf het vliegveld. Na een korte stop op het logeeradres gingen alle vijf naar de kapel van het Seminarie voor de heilige Mis. Dit is precies dezelfde plaats waar Vassula de heilige Mis placht bij te wonen na de dageraad van 'Het Ware Leven in God'.
Op 9 januari begonnen we de dag met de heilige Mis die werd gecelebreerd in de kapel van het seminarie door pater James Fannan en pater Berhard Palme, de studiedecaan van het seminarie. Pater Bernard is een van de senior-leden van de staf die zich Vassula herinnert uit de eerste dagen van 'Het Ware Leven in God'. Die avond, na een vroeg avondmaal, vertrokken we naar de plaats van samenkomst. Pater Arturo droeg de volledige verantwoordelijkheid voor de organisatie van alles op de bijeenkomst en had extra stoelen meegebracht om iedereen een plaats te geven. Banden en boeken, zowel in het Bengali als in het Engels waren bij de deur te koop. Er waren ook enkele priesters aanwezig. De rector van het National Major seminarie, pater Francis Sima, was die avond de vertaler, en hij kent de boodschappen goed omdat hij ook de supervisie over de Bengaalse vertaling van de eerste drie delen had.
Na inleidingen van pater Arturo en pater James, sprak Vassula tot de menigte. Vassula beklemtoont altijd, in elke lezing die zij geeft, dat zij al deze genaden niet heeft 'verdiend', maar dat zij hoe dan ook door Gods genade ertoe is gebracht zichzelf geheel op te offeren. Zoals zij eens heeft gezegd (2-6-1988): "Heer, ik doe niets anders dan U volgen, en mijn ziel voelt zich in vrede, zoals een kind met zijn moeder. Ik vertrouw U volkomen en als een kind wil ik U gehoorzamen." Behalve wat achtergrondinformatie over het begin van 'Het Ware Leven in God', beklemtoonde Vassula ook zeer de komst van de Heilige Geest en het Tweede Pinksteren. En dat was zo in alle volgende bijeenkomsten gedurende de reis door Azië. Zoals de profeten zeggen: "Mijn wetten zal Ik prenten in hun harten, Ik zal ze schrijven in hun verstand." (Heb. 10, 16) Gekoppeld aan dit idee was de idee van de zuivering. Vassula herinnerde de luisteraars eraan dat de gehele mensheid een geestelijke zuivering zal ondergaan, die nu zeer nabij is. Om onszelf voor te bereiden moeten wij verzoend zijn, niet alleen op het gebied van de christelijke eenheid, maar ook speciaal op het meest fundamentele niveau van de maatschappij, de familie. ("Zalig zij die werken voor vrede, God zal hen Zijn kinderen noemen." (Mat. 5, 9))
De bijeenkomst werd onderbroken door een stroomstoring, maar dit gebeurt zo regelmatig dat er vooraf voobereidingen waren getroffen en een draagbaar stroomtoestel het haar mogelijk maakte verder te gaan. De bijeenkomst werd besloten met de toewijding aan de Twee Harten, zoals die te vinden is in het gebedenboekje van het Ware Leven in God. Vassula zegende daarna de mensen met de relikwie van het ware Kruis, zoals Jezus dat van haar verlangt. "De boodschap van de Dood van Christus op het kruis is een dwaasheid voor hen die verloren gaan, maar voor ons, die gered worden, is het Gods kracht." (1 Kor. 1,18)
Vanwege de duisternis op dat moment was het onmogelijk te zeggen hoevelen in de Geest rustten.
Hoewel het niet gepland was, bleef Vassula later om geduldig de voorhoofden te zegenen van hen die bij haar kwamen. Ze waren vrij talrijk, en er waren een aantal mensen van verschillende nationaliteiten, vooral uit de Filippijnen. De variëteit aan nationaliteiten droeg bij tot de atmosfeer van voorbereiding voor een nieuw Pinksteren: "Toen de dag van het Pinksterfeest was aangebroken waren alle gelovigen op een plaats bijeen... godsdienstige mensen uit alle landen van de wereld waren gekomen." (Hand. 2, 1 en 5) Het aantal christenen in Bangladesh bedraagt ongeveer drietiende procent van de bevolking die voor vijfentachtig procent moslim is. We weten dus dat op dit punt een van elke honderd katholieken feitelijk een boek van 'Het Ware Leven in God' heeft gekocht, wat meer dan een half dagloon kost in dit verarmde land. Dit is des te belangrijker door het feit dat het nationale alfabetisme ligt rond de dertig procent: "Behoeftigen heeft Hij overladen met gaven." (Lc. 1, 53) Het zou juist zijn te zeggen dat in Bangladesh Vassula de meest gelezen en de best bekende is van de tegenwoordige zieners samen.
Ondanks verwarrende verklaringen uit het Vaticaan vermeed de plaatselijke bisschop elke soort negatieve publiciteit tegen haar tijdens de recente periode van verwarring, en Propidon, het enige katholieke wetenschappelijke tijdschrift, publiceerde recentelijk een artikel dat haar met klem verdedigde. De op handen zijnde publicatie van het derde deel zal hopelijk de clerus wekken, die tot nu afzijdig is gebleven.
De tegenzin van de geestelijkheid in veel naties om boodschappen als die van Vassula serieus te nemen is zonder twijfel een nog ander voorbeeld van wat Sint Paulus bedoelde toen hij met de volgende woorden sprak over de profeten: "Wij spreken niet in door menselijke wijsheid geleerde woorden, maar door de Geest onderwezen, zoals wij geestelijke waarheden verklaren aan hen die de Geest hebben. Wie de Geest niet heeft kan de gaven niet ontvangen die van Gods Geest komen. Een dergelijke persoon begrijpt ze werkelijk niet; ze zijn voor hem dwaasheid, omdat hun waarde alleen kan worden beoordeeld op een geestelijke basis. Ieder echter die de Geest heeft, is in staat de waarde van alles te beoordelen, maar niemend is in staat hem te beoordelen. Zoals de Schrift zegt: "Wie heeft het inzicht van de Heer gekend? Wie is in staat Hem raad te geven? Wij hebben achter het inzicht van Christus."" (1 Kor. 2, 13-15)
De volgende ochtend, 10 januari, vertrokken we om 5.05 uur voor onze vlucht naar Manila via Singapore. Het was weer Carol Chamberlain die ons reed. In onze vermoeidheid konden we nadenken over de woorden van de Schrift: "Dit alles doe ik om het Evangelie, om daaraan deel te mogen hebben." (1 Kor. 9, 23) Ons vliegtuig in Dhaka vertrok om 7.30 uur en wij arriveerden op het vliegveld van Manila rond 20.00 uur.
Wij werden verwelkomd in VIP stijl door Mrs. Cecilia Lutz, en andere hardwerkende organisatoren van het 'Het Ware Leven in God'-comité.
Ondanks een zeer late nacht, veroorzaakt door bagageproblemen op het vliegveld, een laat diner om 23.45 uur, grote drukte en jetlag, werd er een persconferentie gepland voor de volgende ochtend om 10.00 uur. Dat gebeurde dankzij de inspanningen van de organisatoren en de mediarelatie van iemand van de plaatselijke gebedsgroep. Zo begon Vassula's vierde bezoek aan Manila.
Haar inleidende toespraak vatte de laatste boodschappen samen van Jezus en God de Vader, Die verlangen ons allen in de bruidskamers van Zijn Hart te trekken. Vassula benadrukte het belang van het lezen van de boodschappen in een geest van gebed, op beschouwende wijze en te beginnen bij deel 1.
Jezus, onze Leraar, leert ons op deze manier in 'Het Ware Leven in God' de mystieke taal te verstaan die in de laatste boodschappen wordt gebruikt. Deze manier van lezen zal ons helpen de mysteries van Christus binnen te treden en ze te begrijpen in de Geest van onze Verlosser, en ze te zien in Zijn Goddelijk licht. Als wij onze Heer ook toestaan, zou Hij ons kunnen kneden en vormen naar Zijn gelijkenis, zodat wij Zijn licht naar de wereld uitstralen.
De verslaggevers, die de nationale tv, de krant en de tijdschriften vertegenwoordigen, toonden hun interesse voor de Eenheid door de directheid van hun vragen. Vassula legde Jezus ernstige verlangen uit over hoe de eenheid moest worden verkregen. Vassula zei: "Alleen een oprecht berouw en een geest van vergeving zal als vrucht van liefde en nederigheid voortbrengen die de sleutel is tot de eenheid. Dan zullen wij in staat zijn Gods plan voor de eenheid te dienen door de data van Pasen te verenigen volgens het verlangen van God. Dan zal God de rest doen." Deze boodschap werd met grote belangstelling en waardering ontvangen. De Filippijnse nationale katholieke tv- en radiostations zullen deze persconferentie op een latere datum uitzenden.
Direct daarna stapten wij op het vliegtuig dat ons in twee uur naar Tuguegarao vloog, een stad in het noorden van het belangrijkste eiland van Luzon. Hier had de plaatselijke gebedsgroep van 'Het Ware Leven in God' een ontmoeting georganiseerd met hun aartsbisschop mgr Talamayan, die Vassula hartelijk verwelkomde en haar een dertig munuten durende audiëntie toestond. Mgr Talamayan had toestemming gegeven om Vassula naar deze stad uit te nodigen en wenste het getuigenis over Gods liefde en de actie van de Heilige Geest van Vassula zelf te horen. Hij luisterde met grote belangstelling, vooral blij toen Vassula hem vertelde dat de Heilige Geest reeds zeer actief is. De aartsbisschop mgr Talamayan moedigde ons aan een bijeenkomst met kardinaal Sin te arrangeren, maar dat was door tijdgebrek niet mogelijk.
Op dezelfde dag waren ongeveer 700 mensen aanwezig op de belangrijkste bijeenkomst in Tuguegaras om 17.00 uur in Basebale Hall. Pater J. Fannan gaf de inleiding over Vassula, en daarna stond Vassula op om tot de mensen te spreken. Zij echode Gods woorden met vuur, het gebod van God opvolgend om "Zijn Echo te zijn". Wij werden herrinnerd aan het ware beeld van de Vader. De wereld heeft een vervormde voorstelling wanneer ze Hem ziet als een strenge rechter, terwijl Jezus Hem als volgt beschrijft in de boodschappen: "Mijn Vader is een Koning en toch zeer moederlijk, een Rechter en toch zo teder en liefdevol. Hij is de Alfa en de Omega en toch zo mild."
Vassula vroeg ons Hem te leren vertrouwen, want het verheugt Hem zozeer als wij dat doen. Daarvoor moeten wij Hem naderen, en Hem vertrouwelijk leren kennen . Zo zullen wij leren Hem te beminnen als onze Vader die ons nooit zal breken, maar ons beminnelijk zal behandelen overeenkomstig onze capaciteit. Vassula ging verder te zeggen dat wanneer onze Vader in de Hemel een boodschap geeft Hij die altijd zal geven met een toon van hoop. Maar als Vader zal Hij ons ook berispen, want dat verdienen wij, daar Hij voor onze redding spreekt. Haar negentig minuten durende presentatie werd gevolgd door een heilige Mis in concelebratie door pater J. Fannan en pater Richie, een jonge Filippijnse priester van Don Bosco, die een nieuwe bekering beleefde door het lezen van de boodschappen van 'Het Ware Levern in God'. Men zou kunnen zeggen dat pater Richie een vrucht is van 'Het Ware Leven in God'. Hij vergezelde Vassula op al haar bijeenkomsten in zijn land en ondersteunde haar in gebed toen zij over iedereen individueel bad. Ook hij rustte in de omhelzing van de Heilige Geest toen Vassula over hem bad.
Tijdens de genezingsdienst vielen velen achterover in de rust van de Heilige Geest. Anderen, zonder dat er zelfs over hen werd gebeden, werden verrast met de gave van het spreken in tongen. God manifesteerde zich, wat te lezen was op elk gezicht dat van vreugde oplichtte en de Heer prees om Zijn Edelmoedigheid. De opwinding van het publiek bereikte zijn hoogtepunt toen Vassula de hal verliet langs het zijpad en iedereen samenstroomde om een glimp van haar op te vangen en haar zelfs aan te raken. Zij die haar begeleidden hadden de grootste moeite om het publiek te beletten Vassula te verpletteren, die haar stappen naar de wachtende auto verhaastte toen de menigte wild werd.
De volgende ochtend, 12 junuari, vlogen we terug naar Manila. Vassula was uitgenodigd naar Kamuniq Quezon City, Manila, voor een conferentie in de Parish Hall voor alleen priesters en religieuzen. Ongeveer tachtig priesters en zusters van verschillende congregaties luisterden aandachtig naar de woorden van God door Zijn uitverkorene.
Pater James introduceerde Vassula kort en baande daarmee voor haar de weg voor haar negentig minuten durende presentatie. Allereerst gaf Vassula een totaalbeeld van de Goddelijke boodschappen, en daarna deelde zij de laatste onderrichtingen van Jezus mee over het verlangen van het Heilig Hart dat al Zijn kinderen uit Zijn rijkdommen zouden putten en in Zijn Hart te leren. Vassula zei dat men moest beantwoorden aan Zijn uitnodiging om een retraite en een pelgrimage te houden in Zijn Goddelijk Lichaam, waar Hij onze ziel zou vernieuwen en voeden met de rijkdommen van Zijn Hart in vertrouwelijke afzondering, door ons te vullen met Zijn Vrede en Vreugde. De schatten die men vindt in het hart van het Heilig Hart betekent vooral, zegt Vassula, het proeven van de zoetheid van Zijn Goddelijke tegenwoordigheid en intimiteit. Zij ging verder met te zeggen dat de Hoop die God aanbiedt in deze boodschappen de Heilige Geest is, die al aan het werk is, met het hernieuwen van Zijn heiligdommen (onze zielen), en dat door een Tweede Pinksteren (waarvoor paus Johannes XXIII heeft gebeden), het aanschijn van de aarde zal worden veranderd in een Nieuwe Hemel en deze Nieuwe Aarde zal binnen in ons zijn. Wij zullen het Nieuwe Jeruzalem zijn.
Vassula besloot, evenals in haar eerdere bijeenkomsten, haar krachtige toespraak met een moedige oproep aan alle kardinalen, bisschoppen en priesters om hun stemmen te verenigen met die van paus Johannes Paulus II met betrekking tot de Eenheid.
Zij citeerde zijn encycliek 'Ut unum sint' (Mogen zij allen een zijn) en las de verklaring voor van de Heilige Vader tijdens het Angelusgebed op 11 augustus 1996, waar hij sprak over de dringende noodzaak tot verzoening tussen katholieken en orthodoxen. Hij zei: "De dingen die ons verenigen zijn veel talrijker dan die welke ons scheiden."
Vassula verklaarde openlijk haar verlangen dat kardinalen, bisschoppen en priesters zich zonder meer verenigen met de stem van de Paus, als een echo van hem en één in zijn werk voor de Eenheid, in plaats van zijn stem te negeren of te verstikken. Door dit te doen zouden zij een grote hulp voor de Paus zijn, die hun ondersteuning nodig heeft. De aanwezige geestelijken waren verbaasd over deze geïnspireerde boodschap en verzamelden zich rond Vassula die moest ontsnappen omdat iedereen op haar toesnelde met het verlangen naar haar zegening en om hun boeken door haar te laten signeren.
Na de lezing van Vassula stond een priester, de aalmoezeniers van de Quezon City gevangenis op om woorden van dank uit te spreken tegenover Vassula en liet ons sprakeloos door een boodschap die van de gevangenen afkomstig was, die wensen dat Vassula hen zou toespreken op diezelfde namiddag. Maar die bijeenkomst werd op de een of andere manier geannuleerd om in plaats darvan een boodschap te geven aan een groep priesters. De priester zei dat de gevangenen zeer teleurgesteld waren, maar dat zulke teleurstellingen voor mensen in de gevangenis een dagelijks gebeuren zijn. Hij vroeg vriendelijk aan Vassula om hem een paar woorden voor hen mee te geven, die hij later op de avond aan hen zou kunnen meedelen als een kleine troost. Tot ieders verbazing stond Vassula op en beloofde de aalmoezenier haar enige vrije ochtend op te offeren om de gevangenen te bezoeken. Dat zou de laatste dag zijn van haar verblijf in Manila. Bij het horen van dit barmhartige nieuws toonden allen hun vreugde met een langdurig applaus.
De volgende dag, 13 januari, begon de bijeenkomst in de Green Hills theatre in Mandaluyong City, Metro Manila, met een heilige Mis om 18.30 uur, gevolgd door de presentatie van Vassula. Gods aanwezigheid was zo machtig dat het duizend man tellende gehoor van alle leeftijden en uit alle klassen als verrukt leek door de Heilige Geest. Er waren veel jonge mensen aanwezig. Gedurende haar toespraak leek de lange rij biechtelingen geen einde te hebben.
Vassula riep op tot berouw en verkondigde een verrezen Christus Die handelt, levend is, en altijd onder ons. Vassula zei verder: "Christus Zelf zal nu het dode beeld dat de mensen van Hem hebben gemaakt, alsof Hij nog steeds dood lag in het Graf gedurende tweeduizend jaar, stof ophopend, verbrijzelen. Feitelijk is Hij nu meer levend dan ooit, zonder ophouden op elk hart kloppend. Christus roept ons tot Zich, om een sacramenteel leven te leiden in Zijn Kerk." Daarna vertelde Vassula ons over Gods grote zorg en Zijn oproep aan alle gelovigen om al het mogelijke te doen om Zijn toorn te doen afnemen.
De rebellie in de Kerk tegen de onderrichtingen van de Heilige Vader, de traditie van de Kerk en de bedoeling om het Eeuwigdurende Offer (de heilige Eucharistie) af te schaffen, is de oorzaak van Zijn toorn. De geest van afvalligheid die het heiligdom zelf als rook is binnengedrongen, heeft onze zielen veranderd in een woestijn. Vassula zei dat God altijd tussenbeide komt als Zijn schepping tegen Hem rebelleerde, met een oproep tot bekering, en dat zij die met heel hun hart bidden voor de bekering van de wereld een beloning zullen ontvangen voor de eeuwigheid. Zij moedigde iedereen aan om meer aan God te vragen en met meer geloof; om vertrouwelijk met Hem te zijn en de Heilige Geest meer aan te roepen.
Zij gaf ons een parabel met een vis. Vassula zei dat we moesten leven in de Geest zoals een vis die in de oceaan leeft; bewegend, ademend en levend in de Heilige Geest; precies zoals een vis beweegt, ademt en leeft in de oceaan zouden wij in de Geest moeten blijven, uit vrees dat we zouden uitdrogen en sterven als een vis op het droge, daar de Heilige Geest de Gever van leven is en de innerlijke kracht van het lichaam dat de Kerk is.
De atmosfeer en de tegenwoordigheid van de Heilige Geest nam toe toen de 3½ uur durende bijeenkomst werd besloten met de genezingsdienst, waar Vassula en pater Richie individueel over alle aanwezigen baden. Vassula moet meer dan 1½ uur over de mensen hebben gebeden met opgeheven armen. Zij voelde geen vermoeidheid noch pijn in haar armen zoals narmaal het geval zou zijn al na 10 minuten. Het is duidelijk dat onze goede Heer haar armen steunt. Veel mensen rustten in de Geest. Later werd verteld dat op een van de foto's die van Vassula waren genomen tijdens haar toespraak, een witte duif te zien was boven haar hoofd. Dit is een duidelijk teken hoe de Heilige Geest haar beweegt, leidt en inspireert wanneer zij spreekt over 'Het Ware Leven in God'. Weer liep er een dag af in de vreugde van de volheid van Gods genade, kort na middernacht.
We hadden maar zeer weinig rust voor het volgende officiële programma dat gepland was voor haar laatste dag in de Filipijnen, 14 januari; om 10.00 uur moesten we de gevangen bezoeken in de Quezon City Jail, Metro Manila.
Op weg naar deze ontmoeting werd Vassula gevraagd een kort bezoek te brengen aan het hoofdkantoor van de vereniging van 'Het Ware Leven in God' in de4 Filippijnen, gevestigd in dezelde wijk als de gevangenis, en daar haar naam op de muur van hun kantoor te tekenen. Daar was iedereen getuige van een God vol verassingen! Want Jezus zelf nam de hand van Vassula om Zijn Naam op de muur te schrijven, zichtbaar voor aller ogen. Vassula verklaarde later dat Jezus het had overgenomen om Zijn Naam te schrijven omdat de gebedsgroep de vrucht is van Zijn Goddelijk werk en niet dat van Vassula. Iedereen viel op de knieën, met tranen in de ogen, Jezus' manifestatie bewarend door Zijn instrument, en door ons toe te staan te getuigen van dit moment, als Hij aanwezig is en dicteert. Zeker een speciale genade voor het hardwerkende verenigingscomité dat inderdaad zijn toewijding toonde voor 'Het Ware Leven in God' door hun onvermoeibare betrokkenheid om volmaakte gastheren te zijn voor Vassula en haar begeleiders.
Men kan van hun organisatiedeskundigheid leren, van hun eenheid in liefde, en de liefde die zij hun gasten betoonden. Jezus beloonde hen door Zijn handtekening achter te laten voor altijd, met de volgende boodschap op de muur van hun kantoor: "Ik zegen jullie allen, Ik, Jezus, bemin jullie."
Zij waren zeer ontroerd, en met deze gevoelens reden wij naar de Quezon City Jail.
Vassula zei dat het de slechtste gevangenis is die zij ooit op haar reizen rond de wereld heeft gezien. Het is werkelijk een verschrikkelijke plaats. Hoe deze 1700 gevangenen, bewaard worden op een totale ruimte van 1 vierkante meter per persoon, is onbegrijpelijk. VN-voorschriften verklaren dat 3 vierkante meter levensruimte vereist zijn. De gevangenis heeft evenmin de door de VN geëiste minimale portie voedsel per bewoner per dag. Gods barmhartigheid toonde zich opnieuw door het zenden van Zijn woordvoerster om aan de minst bedeelden Zijn boodschap van liefde en vergeving mee te delen.
De gevangenen waren ontroerd door de openingswoorden van Vassula die tot hen zei: "Jezus zelf heeft verkozen te komen om jullie hier in de gevangenis te bezoeken." Dit werd met veel applaus beantwoord. Vassula sprak over het belang van het dagelijks offeren van onze wil aan God zodat Hij Zijn Wil kan doen in ieder van ons, daar wij van Hem afstammen en van Koninklijke afkomst zijn. Zij deelde hen een boodschap mee die onze Heer voor de gevangenen heeft gegeven op 10 mei 1992, waarin Hij hen uitnodigt met de volgende woorden:
"Kom je vandaag aan Mij toevertrouwen, van hart tot hart. Welke vader zou het weeklagen van Zijn kind aanhoren zonder dat niet elke vezel van zijn hart breekt? Ik ben jullie Eeuwige Vader, Degene die jullie bemint met een Eeuwige Liefde en zoals een vader die zijn kinderen uitnodigt om zijn bezit met hem te delen en het te erven; daarom roep Ik jullie om de erfgenamen te zijn van Mijn Koninkrijk. Ik weet heel goed wat er omgaat in jullie geest, maar Ik ben hier niet om jullie te beschuldigen voor jullie daden. Ik ben hier vandaag om jullie te tonen hoe Medelijden en Tederheid behandeld zijn. Als Ik helemaar naar jullie gekomen ben in je cel, is dat door de Grootte van de Liefde die Ik voor jullie koester."
Door deze woorden werden velen tot tranen geroerd. Speciaal een man snikte als een kind. Hij zat in de gevangenis voor verschillende moorden. Vassula besloot met het genezingsgebed over elke persoon apart om genezing. Sommigen rustten in de geest, anderen schreiden tranen van berouw en ervoeren de warmte van Gods liefde en barmhartigheid. Later werd gemeld dat er diverse bekeringen hadden plaatsgehad. Moge God alle Glorie ontvangen voor dit gebaar van barmhartigheid en medelijden voor het bezoeken van deze gevangenen.
Vassula had nauwelijks tijd om terug te keren naar haar logeeradres, toen om 17.00 uur een interview werd gepland met een journalist van 'The Philippine Daily Inguirer'. Vassula concentreerde zich op de noden van de Quezon City Jail door een beroep te doen op alle plaatselijke christenen om hun liefde voor God te bewijzen door daden van naastenliefde, door Jezus zo nu en dan in de gevangenis te bezoeken. Dat zou zijn volgens het tweede, grootste gebod, tot "Het beminnen van elkaar... zoals Ik jullie heb bemind. Het is door jullie liefde voor elkaar, dat iedereen jullie als Mijn leerllingen zal erkennen."
Zodra de reporter was vertrokken moest Vassula een vriend van haar ontmoeten met de naam Gerard, om te werken aan de opname van de Rozenkrans in de Aramese taal in combinatie met zijn zelf gecomponeerde muziek. Gerard, een jonge man, heeft een natuurlijk talent en opende kort geleden het eerste 'Rosary theatre' ter wereld, dat het leven van Jezus karakteriseert, waardoor wordt voorzien in een andere effectieve vorm van evangelisering in zijn land. Vassula's laatste dag in Manila herinnerde mij weer aan de woorden van Jezus, over haar zending: "En je zult geen rust hebbben." Het lang aangevraagde project met Gerard was nauwelijks klaar of er kwam een andere journalist van het 'Manila Bulletin' om Vassula te interviewen over haar wereldwijde apostolaat voor de Allerhoogste. Ondertussen stroomden er vrienden binnen om afscheid te nemen voordat Vassula de Filippijnen de volgende ochtend zou verlaten. Laat in de nacht, nadat zij beslist haar best voor Jezus had gedaan, glipte zij weg van de menigte en trok zich terug in haar kamer om haar koffer te pakken en een beetje uit te rusten.
Dagen later, terwijl zij in een taxi zat naar een ander vliegveld, zei Jezus de volgende woorden tegen Vassula: "Treur niet, Mijn weg is ruw, vol doornenstruiken en doornen, en weinigen volgen hem". Deze woorden kwamen als een bemoedigende bries uit de mond van God, in het licht van de gebeurtenissen op deze zending naar Azië. De ontberingen, de obstakels, het lijden, de kwellingen die men doormaakt en de buitengewone druk, herinnerde ons aan de obstakels op de reizen van Sint Paulus toen hij het Evangelie predikte. Zijn weg naar Rome, zeilend temidden van stormen, tot de laatste schipbreuk voor Maltha, kon worden vergeleken met Vassula's moeilijkste zending om India binnen te gaan.
Gedurende haar negen jaren van reizen heeft Vassula nooit een dergelijke strijd van de kant van Satan ervaren als op deze reis. Zoals Jezus bevestigt in Zijn Liefdeshymne; de tijd waarin we leven is slecht, en dat: "Satan slaat jullie allen gade en heeft gezworen Mijn Plan te stoppen door het te blokkeren en door sterke tegenstand te bieden. Zijn dreigementen bereiken de Hemel dagelijks..." De manier waarop hij de binnenkomst in Kerala barricadeerde toonde ons dat India werkelijk kostbaar is in Gods ogen en klaar om het zaad van Gods boodschap te ontvangen.
Toch toonde Vassula's standvastige vertrouwen in God en Zijn leiding, de vruchten dat zij inderdaad een leerlinge is van de Heer gedurende de laatste twaalf jaar. Volhardend in haar beproevingen, altijd vertrouwend op de Heer dat Hij zal steunen tot Gods laatste bevel aan de Boze om te zwijgen. Want tenslotte behoort aan God de overwinning. En zo moest Vassula in haar zending om te evangeliseren in Gods bijeenkomsten, nogmaals de moeilijkheden ervaren zoals haar voorgangers, de apostelen. Want het is door de dagelijkse confrontatie met obstakels dat wij op zekere dag tot onze heiliging worden geleid.
Bij het verlaten van de Filippijnen, op 15 januari, waren we al tegengehouden bij het aan boord gaan van het vliegtuig omdat Vassula geen toegangsvisum had voor India. Niemand had Vassula geïnformeerd over de noodzaak van een visum, noch het reisbureau noch de organisatoren. Na eindeloos wachten en een ruwe behandeling door het grondpersoneel op het vliegveld, werd ons tenslotte toegestaan aan boord te gaan dankzij de relaties van Cecilia. Een weer tien uur durende reis bracht ons via Hong Kong naar Bombay, waar we laat in de avond aankwamen.
Uitgeput door de lange trip moesten Vassula en haar begeleiders een nieuwe beproeving doorstaan. De ambtenaren in India weigerden ons binnen te laten vanwege het visumprobleem. Niets kon het beleid veranderen van de verantwoordelijke persoon die de regels strikt opvolgde en ons behandelde als misdadigers. Hij beval ons uit te zetten. Dit nieuws schokte zuster Johanna, de belangrijkste organisatrice voor de ontmoetingen in Bombay, die in de aankomsthal wachtte om Vassula en haar begeleiders in India te verwelkomen. Vassula kreeg toestemming haar te ontmoeten, vergezeld van een veiligheidsagent, om haar over het probleem in te lichten.
Zuster Johanna, die een beroerte nabij was bij het horen van het schokkende nieuws, deed al het mogelijke voor ons om op het vliegveld een visum te bemachtigen, zoals ook het geval was geweest toen wij Bangladesh binnenkwamen. Maar niets kon de immigratiebeambte onder de indruk brengen. Zeer bedroefd moest zuster Johanna, niet wetend wat er met ons zou gebeuren of waarheen we zouden worden gestuurd, met pater James vertrekken die, in het bezit van een visum, India binnenging. Het is van God bekend dat Hij het kwaad verandert in goed, in Zijn plannen kan dus dit obstakel een nieuwe deur hebben geopend. Vassula vroeg aan pater James haar echo te zijn daar zij de echo van Jezus is en om in haar plaats te getuigen, gedurende een uur in de bijeenkomsten die zijn miste.
Pater James was de eerste getuige van de geboorte van 'Het Ware Leven in God' in Dhaka. Nu werd hij letterlijk als een net uitgeworpen om Gods oproep tot berouw, verzoening, vrede, liefde en eenheid te laten echoën voor grote groepen mensen van vijf- tot tienduizend luisteraars in de eerste drie bijeenkomsten in Kerala, het zuiden van India. Het kan zijn dat er een nieuw tijdperk is aangebroken waarin God de eerste vruchten van 'Het Ware Leven in God' oproept om erop uit te gaan, evenals Vassula, en te getuigen van de waarheid. "Het van de daken te schreeuwen", van Gods oneindige Liefde voor de mensheid. Intussen moesten Vassula en haar begeleiders 'de laatste druppels van de beker drinken' tot hun definitieve aankomst in India, wat niet eerder gebeurde dan na een uitstel van vijf dagen.
De ambtenaar van het vliegveld wilde ons terugsturen naar Europa wat een verlies van nog meer tijd zou betekenen. Maar andere beambten kwamen tussenbeide en er werden afspraken gemaakt voor tickets naar Colombo in Sri Lanka waar wij een visum zouden kunnen aanvragen. Gekleed in zomerkleren, geschikt voor de Filippijnen, rilden wij van de kou gedurende de nacht onder de airconditioning van de hal. We dachten door te vriezen maar tenslotte gingen we verbijsterd om 5.00 uur in de ochtend aan boord. Bij onze aankomst in Colombo mochten wij Gods zorgzame trouw ervaren.
Jezus zond ons een jonge Indiase vrouw die ons tijdens de nacht in de hal in Bombay had gadegeslagen en bezorgd was om ons welzijn. Zij vroeg of ze ons op een of andere wijze behulpzaam kon zijn. Toen zij hoorde van onze zoektocht om een visum, gas ze ons haar telefoonnummer voor het geval dat er nog meer problemen zouden opdagen. Een vriend van haar bleek te werken als tweede secretaris van de Indian High Commission van Colombo. Op vrijdagochtend, na een uur rijden naar de stad, arriveerden wij bij de ambassade, denkend dat men daar onze paspoorten zou afstempelen om dan in de loop van de namiddag naar India te kunnen vertrekken. Wij vulden formulieren in en ontdekten tot onze grote teleurstelling dat ze naar ons vaderland gestuurd moesten worden. Een antwoord zou op zij vroegst over twee weken komen. Dit begon een groot probleem te worden en dus besloten wij de jonge dame op te bellen. Zij nam contact op met haar vriend die de dingen misschien zou kunnen bespoedigen, en spoorde hem aan ons onmiddellijk te ontmoeten.
Alvorens terug te gaan naar de ambassade, gingen wij op zoek en vonden wij een fotoservice, men had ons namelijk om foto's gevraagd, in een kleine kruidenierswinkel in de nabijheid van de ambassade. Daarna gingen we terug naar de Indiase ambassade om de tweede secretaris te ontmoeten. Hij was een echte gentleman die ons probleem begreep en beloofde ons zoveel hij kon te helpen. Het probleem was dat het inmiddels vrijdag was en dat alle ambassades het hele weekend gesloten waren. Desondanks beloofde hij ons onze formulieren op zaterdag te faxen en ons op de hoogte te houden. Wij hadden de idee om die dag of de volgende in India terug te zijn al opgegeven en hoopten dat het zondag mogelijk zou zijn. We vertrokken en namen onze intrek in het dichtstbijzijnde hotel.
Vassula telefoneerde de hele zaterdag, wanhopig proberend contact op te nemen met diverse mensen in India om onze huidige situatie uit te leggen. Intussen verloor zij haar stem. Het werd zondag en Vassula belde de tweede secretaris op in zijn woning om te vragen of er enige vooruitgang was. Hij zei ons de volgende dag te komen, maandagmiddag, dan zou hij ons de stempel geven voor een visum. Intussen was ons aangeraden, door pater Kurian in Kerale, die contact met ons had, om een vliegticket naar Kerale te kopen voor maandag omdat er maar één vlucht was door Madras om 14.00 uur.
Wij boekten die en niet die op maandag vroeg in de ochtend, naar Bombay, omdat we in de Indiase ambassade moesten zijn om de visa te ontvangen. Ze zouden ons uitzonderlijk snel worden gegeven. Zoals ons was beloofd door de secretaris, die door pater Kurian was geïnformeerd over het belang van onze toegang.
Nu vroeg de secretaris ons, toen Vassula hem op zondag opbelde, om maandag om 16.00 uur naar zijn kantoor te komen, wat betekende dat we ons vliegtuig van 14.00 uur zouden missen. Vassula smeekte hem dat te verschuiven naar de ochtend omdat het zou betekenen dat we weer een vlucht moesten annuleren. Na enige aarzeling ging de secretaris tenslotte akkoord om ons om 10.30 uur te ontmoeten. Door zijn vriendelijke hulp waren we in staat onze visa op maandagochtend te ontvangen, maar met uren vertraging. Als ons vliegtuig naar Madras geen vertraging had gehad zouden we het zeker hebben gemist. Het verkeer op dat uur was op topdrukte. Vassula was al bezig een redelijk fatsoenlijk uitziend hotel te zoeken terwijl we het vliegveld van Colombo naderden, voor het geval we dat nodig zouden hebben. Een heel uur van foltering in de taxi ging voorbij, niet wetend of we het deze keer zouden halen of niet. Voortdurend, sinds ons vertrek uit Manila, was elke stap die we zetten letterlijk gevuld met obstakes. Alsof dat nog niet genoeg was begon Vassula te lijden aan de symtonen van griep en had haar stem helemaal verloren. Op dit moment van lijden kwam Jezus met zijn troostende woorden en vertelde haar zoals eerder vermeld: "Wees niet bedroefd, wist je niet dat Mijn pad gevuld is met doornen en distels, en dat weinigen het nemen?" Wij zijn er zeker van dat het geen toeval was dat het vliegtuig vertraging had en wij in staat waren onze bestemming te bereiken.
terug naar de pagina reisverslagen