DHTML Menu By Milonic JavaScript

Nederlands » Achtergrond » De Toenadering van Mijn Engel » De Woestijn en dan de Volledige Overgave »

De Toenadering van Mijn Engel (vervolg)

De Woestijn en dan de Volledige Overgave

En daarom, ... weldra lok Ik haar weer naar Mij toe, zorg Ik dat zij naar de woestijn gaat en spreek Ik tot haar hart. (Hosea 2:16)

Welnu, God wilde dat ik mij volledig aan Hem zou overgeven. Hij wilde Zich met mij verenigen en mij tot de Zijne maken. Hij wilde mij vormen en omvormen. Ik gaf mij niet over zoals Hij verlangde en dus moest ik nóg een zuivering ondergaan voor mijn totale overgave aan God, zodat ik vrede met Hem kon sluiten. Dit is wat er gebeurde: Ik riep tot God en tot mijn verbazing antwoordde Hij niet. Ik raakte in paniek en zocht mijn engel, maar die was er ook niet. In plaats daarvan voelde ik enkele zielen om mij heen, ze kwamen als bedelaars naar mij toe. [1] Ze smeekten mij om gebeden, zegeningen en om wijwater. Ik ging onmiddellijk naar de kerk en bracht wijwater voor hen mee. Ze vroegen mij het over hen heen te sprenkelen en dat deed ik. Dit gebaar trok nog meer zielen aan en binnen de kortste tijd had ik een hele menigte om mij heen. Tot mijn verbazing leek het hun pijnen te verlichten en hun vreugde was groot. Eén van hen vroeg mij daar voor hem te bidden en hem slechts één keer te zegenen. Ik wist niet hoe, dus vertelde hij mij slechts één eenvoudig gebed te bidden en hem te zegenen. Ik bad zoals hij dat vroeg en zegende hem. Hij dankte mij met blijdschap en hij zegende mij ook. Dit alles was nieuw voor mij, maar ik voelde dat zij verlicht en verheugd waren. Ik maakte van de gelegenheid gebruik om hun te vragen of zij wisten waar mijn engel was, de engel waarvan mijn hart al was gaan houden. Maar ik kreeg geen antwoord.

Elke dag die in deze eenzaamheid voorbijging leek een jaar; ik was op zoek naar vrede en kon die niet vinden. Ik was omgeven door veel vrienden en mensen, maar ik had mij nog nooit zo eenzaam en verlaten gevoeld als toen. Ik had het gevoel door een hel te gaan. Dikwijls schreeuwde ik het uit naar mijn engel om terug te komen, maar nee, hij was verdwenen! Mijn ziel bezweek door zijn vlucht. Ik zocht hem maar ik vond hem niet; ik riep om hem, maar hij antwoordde niet. Ik doolde drie volle weken in de woestijn, meer dood dan levend, totdat ik het niet langer uithield en in die verschrikkelijke nacht die mijn ziel doormaakte schreeuwde ik met heel mijn hart en als nooit tevoren tot Jahweh: "VADER!! ... waar bent U?... Vader?... Waarom hebt U mij verlaten? O God, neem mij! Neem mij en gebruik mij zoals U wenst!... Zuiver mij zodat U mij kunt gebruiken!"

Door deze doordringende kreet, die uit het diepst van mijn hart kwam, opende zich plotseling de hemel, en als een donder, riep de stem van de Vader vol emotie tot mij: "IK GOD BEMIN JE!" Deze woorden waren als een balsem uitgestort over deze indrukwekkende wonden die mijn ziel ontvangen had en ze genazen mij onmiddellijk. Ik voelde Zijn Oneindige Liefde in deze door God geuite woorden.

Direct na deze woorden van liefde, leek het mij alsof ik vanuit een tornado in een mooie vredige tuin viel. Mijn engel verscheen weer en met grote tederheid begon hij mijn wonden te verbinden, die wonden die ik had opgelopen terwijl ik in de nacht deze eindeloze woestijn had doorkruist.

Toen vroeg Jahweh mij de Bijbel te openen en te lezen. De eerste passage die ik las bracht mij tot tranen en bekeerde mij, want ze openbaarde mij op een verbazingwekkende manier het Hart van God. Ik las in Exodus 22: 25-26 de woorden:

"Als gij iemands mantel in pand neemt, dan moet ge die voor zonsondergang aan hem teruggeven. Hij heeft niets anders om zich mee toe te dekken, het is de beschutting van zijn blote lichaam, hij moet er in slapen. Roept hij tot Mij om hulp, dan zal Ik hem verhoren, want Ik ben vol medelijden."

God verkoos mij niet direct te zeggen wat Zijn redenen waren voor wat er gebeurde tijdens deze drie weken maar veel later, op 22 december 1990, gaf Hij mij deze verklaring, dit zijn Zijn eigen woorden:

"...Mijn Hart, een Afgrond van Liefde, riep om jou; jij had verdriet op verdriet in Mijn Hart gestapeld, verraad op verraad; je hebt met Mij geworsteld, nietig klein schepsel... maar Ik wist dat je hart geen verdeeld hart is en dat, wanneer Ik eenmaal je hart veroveren zou, het helemaal van Mij zou worden; als een product van je tijd worstelde je met Mij, maar Ik heb je in de worsteling neergeworpen en je in het stof getrokken en in de woestijn waar Ik je achtergelaten heb, helemaal alleen;

Ik had je voorzien van een engelbewaarder sinds het begin van je bestaan, om je te beschermen, te troosten en te je leiden; maar Mijn Wijsheid beval je engelbewaarder je te verlaten om je de woestijn alleen onder ogen te laten zien; Ik zei: "je moet leven ondanks je naaktheid!" [2] want niemand is in staat alleen te overleven; [3] Satan zou het volledig overgenomen hebben en je gedood hebben; Mijn bevel was ook aan hem gegeven; Ik verbood hem toen je aan te raken; in je ontzetting heb je je Mij herinnerd en opgekeken naar de Hemel, wanhopig naar Mij zoekend; je klagen en je smeekbeden verbraken plotseling de dodelijke stilte die om je heen was en je doodsbange kreten doorboorden de hemelen en bereikten het Oor van de Heilige Drie-eenheid...

'"Mijn kind!" de stem van de Vader, vol vreugde, weerklonk door de hele Hemel"ach... Ik zal haar nu Mijn Wonden laten doordringen [4] en haar Mijn Lichaam laten eten en Mijn Bloed laten drinken; Ik zal haar huwen en zij zal voor eeuwig de Mijne zijn; Ik zal haar de Liefde tonen die Ik voor haar heb en voortaan zullen haar lippen dorsten naar Mij en haar hart zal Mijn rustkussen zijn voor Mijn Hoofd; ze zal zich dagelijks verlangend overgeven aan Mijn Rechtschapenheid; Ik zal haar tot een altaar maken van Mijn Liefde en Mijn Passie; Ik, en Ik alleen, zal haar enige Liefde en Passie zijn; en Ik zal haar met Mijn Boodschap tot aan de uiteinden van de wereld zenden om een ongelovig volk te veroveren, en naar een volk dat niet eens het hare is; en ze zal vrijwillig Mijn Kruis van Vrede en Liefde dragen en de weg naar Calvarië gaan;”

"en Ik, de Heilige Geest, zal op haar neerdalen om haar de Waarheid te onthullen en Onze diepten; [5] Ik zal de wereld eraan herinneren, door haar, dat de grootste van alle gaven is: LIEFDE;"

...laat Wij [6] dan feestvieren! laat de hele Hemel feestvieren!'"

God gaf mij een visioen om de situatie beter te begrijpen. Hij deed mij begrijpen waarom Satan zo agressief tegen mij was. Zolang ik niet volledig bekeerd was, viel de duivel mij niet lastig en was hij tevreden. Hij toonde geen enkele agressie. Maar op het moment dat hij voelde dat ik mij naar God keerde en hij mij zou kunnen verliezen, viel hij mijn ziel aan.

Dit was het visioen: Ik zag mijzelf in een kamer staan en daar zag ik een slang (Satan) kruipen. Die slang was klaarblijkelijk mijn huisdier. Maar omdat ik mijn belangstelling voor hem had verloren, hield ik op hem te voeden. Hongerig en verbaasd kwam hij uit zijn hol op zoek naar voedsel. Ik sloeg hem gade terwijl hij naar zijn voederbak ging en daar een tros druiven vond. De slang verzwolg ze maar leek niet verzadigd. Dus kroop hij naar de keuken op zoek naar voedsel. Intussen begon hij te begrijpen dat mijn gevoelens ten opzichte van hem waren veranderd en dat ik nu zijn vijand was geworden in plaats van zijn vriend. Daarom wist ik dat hij zou proberen mij te doden. Ik was bang, maar juist toen verscheen mijn engelbewaarder en vroeg mij of ik problemen had. Ik vertelde hem over de slang. Hij zei mij dat hij ervoor zou zorgen. Ik aarzelde of ik zou moeten meedoen aan het gevecht of niet en ik besloot om mij bij mijn engel te voegen om samen het werk te doen. Mijn engel nam een bezem en opende een deur die naar buiten leidde en ging toen naar de slang en joeg hem weg. Daarna sloeg hij de deur dicht en wij keken door het raam naar de reactie van de slang. Die was in paniek. We zagen hem teruggaan naar de deur. Maar de deur zat veilig op slot. Hij gleed snel de trap af en de straat op. Op het moment dat hij de straat op gleed veranderde hij in een reusachtige lelijke pad en weer in een boze geest. Er werd alarm geslagen en de mensen buiten grepen hem en bonden hem vast.


[1]  Toen ik een tiener was zag ik weleens met de ogen van mijn ziel veel zielen om mij heen. Als ik dan die zielen zag, zei ik bij mijzelf, "Ach, daar zijn de dode mensen weer." Ze vulden de kamer waarin ik was. Ze leken dicht naast elkaar op de grond te zitten. Ik voelde dat ze zich verheugden over mijn aanwezigheid. Ze leken allemaal hetzelfde. Ze leken mager, zonder haren en ze zagen er grauw uit. Hun hele wezen was grijs als as. Ze maakten geen enkel geluid en in feite leek het erop dat ze mij niet wilden storen. Dat was een heel gebruikelijk tafereel dat jarenlang plaatsvond. Later heeft Jezus mij dit alles uitgelegd. Hij zei dat deze zielen op mijn gebeden wachtten totdat ik bekeerd zou zijn. (Uitgeversnoot: zie WLIG, 22 juli 1987)
[2]  Ik was "naakt" zodra mijn engelbewaarder en de hele hemel hun rug naar mij hadden gekeerd.
[3]  Verlaten door de Hemel.
[4]  Toen sprak de Zoon.
[5]  De Heilige Drie-eenheid.
[6]  De Heilige Drie-eenheid sprak.

 
Achtergrond
De Oproep en het Instrument
De Toenadering van Mijn Engel
    De Toenadering van Mijn Engel
    Het Onze Vader Onderricht door Onze Schepper
    De Aanvallen van Satan
    De Strijd tussen Mijn Engel en Satan
    Mijn Zuivering Gaat Door
    Satan Gaat Door met Verschillende Aanvallen
    De Woestijn en dan de Volledige Overgave
    De Priester Veroordeelt de Boodschappen
    Vervolgingen Door de Priester
    Wil Je Mij Dienen?
Een Inleiding op de Boodschappen
Multimedia Galerij
Het Handschrift

De Oproep en het Instrument
Een samenvatting van wie Vassula is en wat 'Waar Leven in God' is
 

De Toenadering van Mijn Engel
Vassula beschrijft hoe haar Beschermengel haar in het allereerste begin naderde
 

Een Inleiding op de Boodschappen
Een Inleiding op de Boodschappen door Vassula
 

Multimedia Galerij
Kijk, Luister en Zie Afbeeldingengalerij, Audio Clips, Video Clips
 

Het Handschrift
Informatie en foto's van het speciale schrift waarin de boodschappen geschreven worden
 

 
 
BOODSCHAP VAN VANDAAG:

Ik Ben De Enige Rechter
 
EERDERE BOODSCHAP:

Je God Is Onderweg
 

 
TOP NIEUWS:

Een bericht van Vassula voor het 35-jarig WLIG-jubileum
Een bericht van Vassula voor het 35-jarig WLIG-jubileum

ANDER NIEUWS:
De Eerste Online Getuigenisbijeenkomst - Zaterdag 14 november 19.00 uur
Met professor in de Theologie: Niels-Christian Hvidt, die vanuit Denemarken in het Engels tot ons spreekt.
 
DE HEMEL BESTAAT MAAR DE HEL OOK
NU OOK IN HET NEDERLANDS !

 
 



Snel Zoeken

© Vassula Rydén 1986 Alle Rechten Voorbehouden
X
Enter search words below and click the 'Search' button. Words must be separated by a space only.
 

EXAMPLE: "Jesus Christ" AND saviour
 
 
OR, enter date to go directly to a Message